Over Homeopathie

Inleiding
Geschiedenis van de homeopathie
Homeopathie en allopathie
Homeopathie en fytotherapie

  Het Similia-principe
Potentiëren
De werkwijze van een homeopathisch dierenarts 
Het gebruik van homeopathische geneesmiddelen 

Het gebruik van homeopathische geneesmiddelen

Homeopathische geneesmiddelen worden voor een groot deel in het lichaam opgenomen via het schone mondslijmvlies. Daarom is het beter om ze niet tegelijk met het eten te geven. Het beste is om het middel minstens een half uur voor of na het eten te geven, bijvoorbeeld op een klein stukje brood of met wat water. De druppels smaken naar alcohol en omdat de dieren dat vies vinden, kunt u die niet puur geven. Tabletjes of korrels kunt u eventueel wel direct geven. Probeer de tabletjes zo min mogelijk aan te raken en doe dat in ieder geval met schone handen. De dosering van de middelen staat op de bijsluiter, of de dierenarts vertelt u deze. U kunt homeopathische middelen het best koel en donker bewaren.

Het dier kan op verschillende manieren op de behandeling met homeopathische geneesmiddelen reageren:

  1. Het dier knapt direct op. U kunt stoppen met het toedienen van de geneesmiddelen als de klachten geheel zijn verdwenen.
  2. Het dier wordt zieker en de klachten verergeren. U moet stoppen met het middel en contact opnemen met een (homeopathisch) dierenarts. Het kan zijn dat uw dier erg gevoelig reageert op het geneesmiddel; de dosering moet dan worden aangepast door de arts.
  3. De toestand van het dier verandert niet. Dit kan zijn omdat het geneesmiddel niet het juiste is, of omdat een homeopathische behandeling alleen onvoldoende is.

Als uw dier drachtig is, kan het de meeste homeopathische middelen toch gebruiken. Er staat er een waarschuwing in de bijsluiter als u het middel niet bij dracht mag toedienen. Indien uw dier allopatische geneesmiddelen krijgt en u wilt het ook homeopathische geneesmiddelen geven, dan mag u nooit zomaar stoppen met de oude medicijnen. Overleg altijd met uw dierenarts. Wanneer dezelfde klachten regelmatig terugkomen kunt u ook beter contact opnemen met een dierenarts.