Equisetum arvense (Heermoes) extra info

Heeft onder andere invloed op de nieren en de urinewegen. Heermoes bevat veel silicium, wat voor planten en dieren van essentieel belang is voor de opbouw van de celwanden. Dit is de reden dat Equisaetum ook veel wordt gebruikt in producten die haar, nagels en botten ondersteunen. Ook op de nieren heeft het een opbouwende werking. Daarnaast is Heermoes een belangrijke bloedzuiveraar en heeft het een sterk vochtafdrijvende functie. 

Equisetum arvense (Heermoes) werkt ook bloedstelpend. Equisetum is een apart plantje dat door zijn bloei- en groeiwijze veel belangstelling trekt. De wortelstok zit diep in de grond en vormt in het voorjaar roodachtige stengels. Na enkele weken komen onvruchtbare, groene stengels boven de grond die zich vertakken en een pluimachtig uiterlijk krijgen. Bij de boeren is deze plant niet zo geliefd: de wortel zit zo diep in de grond dat de plant haast niet te verwijderen is. Hij heeft dan ook de scheldnaam “akkerpest” gekregen. Andere namen voor de plant zijn “heermoes” of “paardenstaart”. Heermoes houdt van vochtige en leemachtige grond. Zo kijkend naar de plant valt meteen het “rechte” en “fiere” karakter van de plant op. Hij is zo taai dat de handen kapot gaan als men probeert de plant er zo even uit te trekken. Hoe sterk en ook ruw die stengels zijn, blijkt uit het feit dat men vroeger de stengels gebruikte als schuurmiddel! De naam zou afkomstig kunnen zijn van de Latijnse woorden “equis” (paardenstaart) en seta (borstel/ staart). De Nederlandse naam is afgeleid van de woorden “herde” (kudde) en “moos” (mos) en verwijst naar het massaal op elkaar groeien van de plant in “kudden” mos.

Volksgeneeskunde: Heermoes is eigenlijk een prehistorisch botanisch overblijfsel, nauw verwant aan de bomen die tijdens het Carboon -270 miljoen jaar geleden- groeiden. Deze bomen zijn de bron van steenkoollagen. In de Romeinse tijd gebruikte men heermoes als groente, dierenvoedsel en geneesmiddel. De oude Grieken pasten de plant als wondgeneesmiddel toe. Plinius schreef in 77 na Christus over de plant “zo prachtig van aard is de heermoes dat de patiënt de plant alleen maar hoeft aan te raken en bloed wordt gestelpt”. Culpeper voegde daar later aan toe “het is een heel sterk middel om bloedingen te stelpen” en “inwendig en uitwendig verlicht het de zwelling, warmte en ontsteking van de elementaire of geslachtsdelen in mannen en vrouwen”.In de volksgeneeskunde benutte men de plant vooral bij aandoeningen van nieren, blaas en urinewegen, als bloedstelpend middel, als gorgeldrank bij keelpijn of -toegevoegd in badwater- bij etterende wonden, huidzweren en huiduitslag. Daarnaast gebruikten de mensen heermoes bij botbreuken en weefselontstekingen om het genezingsproces te versnellen. Ook werd het aanbevolen als middel voor gezonde ogen, haren, nagels en huid. 

Werkzame bestanddelen: Mineralen als kiezelzuur (<10%) en kalium (2.1-2.9%); saponinen (5%) met equisetonine; alkaloïden (nicotine, palustrine), flavonoïden als isoquercitrine en equisetrine; looistoffen, magnesium, zetmeel. 

Werkingsmechanisme: De hoofdcomponent van heermoes is het kiezelzuur, heermoes heeft een zeer grote hoeveelheid kiezelzuur (tot 10%) welke een zeer versterkende werking op het bindweefsel heeft. Dit werkzame bestanddeel versterkt niet alleen alle weefsels, maar verhoogt ook de weerstand en stimuleert de stofwisseling. Kiezelzuur bevordert de groei van de witte bloedcellen waardoor de weerstand tegen infecties toe neemt.
De tweede groep actieve componenten betreft de saponinen. Saponinen hebben een goede reputatie als mild diureticum. Daarnaast werken ze expectorerend en diaphoretisch. Tevens bevorderen saponinen de opname van andere stoffen, zijn werkzaam als antiflogisticum, haematicum en litholiticum en gaan een verbinding aan met cholesterol.

Bron: Natura Foundation Monografie
 

Deel deze pagina:


Bezorgd over uw privacy?