Hypericum perforatum (Sint-janskruid) extra info

Naar het werkingsmechanisme van Hypericum perforatum is veel onderzoek gedaan, zowel in dierstudies als humane studies. De meest opvallende eigenschappen van deze plant is zijn werking op het zenuwstelsel en zijn weefselregenererende eigenschappen. 

Dit mooie “zonnekruid” wordt verzameld als de zon op zijn hoogste punt staat en mensen het Sint-Jansfeest vieren op 24 juni. De plant staat dan prachtig in bloei, de helder gele bloempjes lijken naar de zon te willen reiken en de “open armen” van de vertakte stengels lijken elke zonnestraal te willen vasthouden en opslaan. Sint-Janskruid komt veel voor in tuinen, langs wegen, in lichte bossen en in Limburg zelfs op fabrieksterreinen. De blaadjes hebben kleine puntjes, dit zijn kliertjes die een vloeistof produceren bestaande uit etherische oliën en hars. De gele bloemen verkleuren rood als ze tussen de vingers worden gewreven. Vroeger dacht men dat de kleine kliertjes in de bladeren gaatjes waren. Deze “gaatjes” zijn te zien als men het blad tegen het zonlicht houdt. De soortnaam “perforatum” zou hiervan afgeleid zijn. Vroeger vergeleek men de gaatjes met wonden en dacht dat zo’n plant beslist een goed wondgeneesmiddel moest zijn. Tijdens de kruistochten gebruikten de ridders van Sint Jan van Jeruzalem de plant om wonden van de kruisvaarders te behandelen. Volgens een andere verklaring zou de herkomst van de naam verwijzen naar Johannus de Doper die rond 24 juni onthoofd is.

Volksgeneeskunde

De haast legendarische geneeskrachtige eigenschappen van deze plant dateren al uit de tijd van de oude Grieken. Een van die eigenschappen was dat de plant kwade geesten zou verdrijven, het geen nog af te leiden valt uit de naam “jaagt-den-duivel”. Krankzinnigen dwong men thee van sint-janskruid te drinken om zo de boze geesten te weren. In Wales beschreven kruidenkenners in de 13e eeuw een remedie tegen winterhanden of voeten als volgt “voor winterhanden en voeten: kook de wortels van het mansbloed en giet er gestremde melk over. Stamp het met oud vet en breng het als een pleister aan” (Physicans of Myddfai). De olie van de plant verkrijgt men door verse stengels te weken in olijfolie of zonnebloemolie. De olie is populair ter zelfmedicatie bij wonden, brandwonden, blauwe plekken, doorliggen, stuitpijn , zenuwpijnen en ischias. In de homeopathie passen behandelaars Hypericum perforatum toe als geneesmiddel bij aandoeningen van het centrale zenuwstelsel, perifere zenuwen en huid. In China schrijven genezers het sint-janskruid voor bij acute hepatitis, puisten, abcessen, slangenbeten en appendicitis.

Werkzame bestanddelen

  • Anthraquinonen waaronder >0.04% naphtodianthronen (0.1-0.15%) als hypericine, pseudohypericine en de precursors protohypericine en protopseudohypericine welke onder invloed van zonlicht de cyclische transformatie tot stand brengen.
  • Flavonoïden als hyperoside (0.7%), kaempferol, quercetine, quercitrine, rutine, bioflavonoïden (met amentoflavonen), xanthonen en fenolglycosiden.
  • Looistoffen (6.5-15%), proanthocyanidinen.
  • Etherische olie (0.05-3%) als methyl-2-octane (>30%) en sesquiterteen lactonen als humuleen; choline, pectine, alpha-pineen, cineol, isovaleriaanzuuresters.
  • Mannitol, saponinen, novoïmanine en imanine.

Opmerking: de concentratie naphthodianthronen komt overeen met de hoeveelheid hyperforine, flavonoïden en proanthocyanidinen; de concentratie hypericine komt overeen met de hoeveelheid pseudohypericine.

Werkingsmechanisme

Hypericum perforatum bezit tonifiërende, ontstekingsremmende, pijnstillende en adstringerende eigenschappen. Deskundigen passen de plant toe bij de behandeling van wonden, neuralgische aandoeningen, ischias, fibrositis (bindweefselontsteking: onderhuids, in de spieren, rondom gewrichten of periostaal) en in het bijzonder bij depressiviteit en/of klachten in de menopauze.

Naar het werkingsmechanisme van Hypericum perforatum is veel onderzoek gedaan, zowel in dierstudies als humane studies. De meest opvallende eigenschappen van de plant betreffen zijn werking op het zenuwstelsel en zijn weefselregenererende eigenschappen. In dierstudies met bladextracten en plantenextract toonden de onderzoekers antibiotische eigenschappen aan welke zij toeschreven aan hyperforine en novoïmanine. De flavonoïden en catechinen hebben een antivirale werking, terwijl de amentoflavonen (biflavon) vooral ontstekingsremmend en zweerremmend zijn. Het totale gehalte aan flavonoïden (met quercetine als hoofdcomponent) bleek in dierstudies bepalend te zijn voor het pijnstillende effect. Proeven met gangbare Hypericum producten hadden bij dieren een antidepressieve werking vergelijkbaar met een psychisch tonicum. Wetenschappers vermoeden dat de bioflavonoïden uit Hypericum perforatum ook sedatief werken nadat deze werking op het centrale zenuwstelsel ook is vastgesteld is bij een andere plant met veel bioflavonoïden: de Taxus baccata (venijnboom). Geringe hoeveelheden hypericine veroorzaken in humane studies al een toniserende werking. Het looistofgehalte werkt vooral adstringerend.

Humane studies bewijzen dat plantextracten vooral een antidepressieve werking te hebben en de hoofdsymptomen als neerslachtigheid, verminderde interesse en activiteit, slaapstoornissen, concentratiestoornissen, veranderingen in de eetlust, vermoeidheid en lichamelijke klachten verbeteren. Deze verbetering treedt op zijn vroegst 2 of 3 weken na aanvang van de inname van extracten op. Uit vergelijkende onderzoeken met reguliere antidepressiva blijkt dat gestandaardiseerde extracten net zo effectief werken bij de behandeling van depressiviteit als reguliere geneesmiddelen. De bijwerkingen van Hypericum perforatum extracten zijn echter beduidend geringer. Ook door placebo gecontroleerde onderzoeken is de effectiviteit van het Hypericum extract overduidelijk aangetoond (2.7 keer zo goed).

Naar het pijnstillend effect van de plant is eveneens onderzoek gedaan. Een groep patiënten die leden aan chronische gastro-duodenitis kreeg een combinatiepreparaat met onder andere Hypericum perforatum. De pijn nam met 90% af en na de therapie bleek bij gastroscopisch onderzoek dat de maagslijmvliesbeschadigingen welke men voor aanvang van de therapie constateerde, geheel waren verdwenen. In Rusland wordt sint-janskruid klinisch gebruikt bij de behandeling van infecties. Daarnaast beschrijven onderzoekers een antivirale werking tegen HIV en hepatitis C welke zij toeschrijven aan hypericine.

In de natuurgeneeskunde praktijk wordt Hypericum perforatum onder andere toegepast als pijnstiller en ontstekingsremmer. De plant is geïndiceerd bij verwondingen, operaties, insectenbeten, zenuwpijnen, pijnen met uitstralingsgevoel zoals ischias, tricheminus neuralgie, migraine, tand- en kiespijn en pijnen die als stekend worden ervaren. 

De olie van de bloemen past men toe bij zonnebrand en brandwonden. Als massage-olie werkt het verwarmend en ontspannend bij verstijfde of kougevoelige spieren, spit, reuma, jicht of ischias. De olie gaat bijzonder snel in kwaliteit achteruit wanneer men deze in een warme omgeving of zonlicht bewaart.

Indicaties

De ESCOP noemt als indicaties in haar monografie psycho-vegetatieve stoornissen, depressieve stemmingen, angst, nerveuze onrust, rusteloosheid, geïrriteerdheid. In de kindertherapie adviseert men de plant te gebruiken bij bedplassen, pavor nocturnus (’s nachts met schrik en angst wakker worden) en stotteren.

Er zijn Sint-Janskruid gestandaardiseerde extracten verkrijgbaar bereid uit de bovengrondse plantendelen met een minimale concentratie van 0.3% hypericine. Hoewel er heel veel onderzoek naar het werkingsmechanisme van sint-janskruid heeft plaatsgevonden, zijn nog lang niet alle mechanismen duidelijk in kaart gebracht. Tot voor kort was men er heilig van overtuigd dat hypericine het belangrijkste bestanddeel is en dat extracten op het hypericine gehalte gestandaardiseerd behoren te worden. Er zijn momenteel echter aanwijzingen dat andere componenten zoals hyperforine en hyperoside ook een grote rol spelen. Door de synergistische werking van de vele componenten is het een uiterst ingewikkelde zaak exact aan te geven welke bestanddelen bepaalde effecten veroorzaken. Vervolgonderzoeken zullen meer duidelijkheid en inzicht moeten geven. 
Voor een optimaal therapeutisch resultaat adviseert men bij depressies minimaal 2 tot 3 weken gestandaardiseerde sint-janskruid extracten te gebruiken alvorens de werking te beoordelen. Pas na 2 tot 3 weken zullen de eerste gunstige effecten optreden (ESCOP). Een behandeling dient minimaal 6 tot 9 maanden te worden voortgezet. Uitsluipen van de medicatie is absoluut noodzakelijk!

Contra-indicaties

Extreem hoge inname van extracten van de plant kan allergische reacties veroorzaken bij daarvoor gevoelige personen. Intensief zonnebaden moet men vermijden. Bij gelijktijdig gebruik van andere plantaardige of reguliere geneesmiddelen is het raadzaam contact op te nemen met de apotheker. Gebruik van alcohol kan de werking van Hypericum perforatum beïnvloeden en dient te worden vermeden. Inname van fytotherapeutica met een sedatieve werking is met klem af te raden. Gebruik van de plant tijdens zwangerschap of de lactatieperiode is gecontra-indiceerd.

Bijwerkingen

Hypericum is fotosensibel. Bij uitwendig gebruik van Hypericum perforatum producten moet men direct zonlicht vermijden. De huid kan hierop sterk reageren en jeuk, roodheid of kleine blaasjes veroorzaken. Met name de etherische olie roept huidirritaties op. Zelden treden bij inname van de plant als thee, tinctuur of gestandaardiseerd extract fotosensibele reacties op. Deze ontstaan alleen bij langdurig zonnebaden of zonnebankkuren of overdosering.

Bron: Natura Foundation